Feitenvrij het nieuwe jaar in

Een bèta heeft het in beginsel best makkelijk. De werking van broeikasgassen is met relatief basale natuurkunde te begrijpen, meer broeikasgassen in de atmosfeer zorgt voor een warmere planeet. Inhalatie van lachgas zorgt voor zuurstoftekorten en langdurig gebruik voor vitamine B12-deficiëntie. Lachgas is tevens een broeikasgas. Stikstofverbindingen zijn in het milieu onderhevig aan chemische en biochemische omzettingen met een baaierd aan effecten op natuur en bodem als gevolg. Reactieve stikstofverbindingen zijn tevens direct schadelijk voor de menselijke gezondheid. Wetenschappelijk gezien is het een hele klus om dat allemaal uit te zoeken, maar als de kennis er eenmaal is, is het eenvoudig: feiten zijn feiten, de keuze om wel of niet te handelen is een maatschappelijke en politieke afweging. Genoemde moleculen zijn links noch rechts, progressief noch conservatief, ze hebben eigenschappen die nu eenmaal zijn wat ze zijn. Die veranderen niet door tegen ze te schreeuwen, noch door te ontkennen dat ze die eigenschappen hebben, of door te benadrukken dat ze ook andere eigenschappen hebben. In de fysische, chemische en biologische werkelijkheid verandert niets als beweringen door een konvooi van tractoren kracht wordt bijgezet, of in een motie of wet worden vastgelegd. Natuurwetten laten zich niet door de mens de wet voorschrijven, die zijn gewoon wat ze zijn.

Een bèta heeft het tegenwoordig best moeilijk. Het aantal pogingen feiten te verdraaien of te ontkennen lijkt alleen maar te groeien. Nee hoor, de opwarming komt niet door broeikasgassen, CO2 is immers plantenvoer, wauwelt een ontkenningsstichting Clintel in een manifest. Bomen zijn dol op stikstof, het gaat prima met de natuur, kakelt Forum voor Democratie-voorman Thierry Baudet. Het wemelt van de bèta-arme redacties die dergelijke nonsens maar wat graag zendtijd geven, en zo trots zijn als een Pauw dat ze ruimte bieden aan alle kanten van het spectrum. Kolder of niet, dat doet er niet toe.

In Indiana werd in 1897 een wet aangenomen die een foute berekening van het getal pi voorschreef. Daar trok pi zich uiteraard niets van aan. In North-Carolina mogen voor projecties van de zeespiegelstijging alleen maar trendlijnen uit het verleden worden gebruikt, geen nieuwe wetenschappelijke inzichten. Daar trekt de zeespiegel zich uiteraard niets van aan. Begin december is in ons land bij motie vastgelegd dat de landbouw geen oorzaak is van de stikstofcrisis. Ik heb zo’n donkerbruin (sorry) vermoeden dat de ammoniakmoleculen die aan de Nederlandse landbouwhuisdieren ontsnappen zich daar niets van aantrekken, maar je weet maar nooit natuurlijk. De Tweede Kamer nodigt voor een expertmeeting over stikstof actieve twijfelbrigadiers uit, die dezelfde tactieken rond stikstof inzetten als eerder rond roken, zure regen, ozonlaag en klimaat effectief bleken: twijfel zaaien, uitstel van maatregelen oogsten. De realiteit blijft dezelfde. Het beeld is wel dat goede afwegingen en keuzes maken er niet makkelijker op wordt, nu steeds meer misinformatie wordt verspreid, door media wordt doorgegeven en door grote groepen mensen wordt geloofd. Trump en Johnson zijn op de vleugels van leugens en larie naar de macht gevlogen. Baudet gebruikt onwaarachtige kletskoek als machtsstrategie, geheel conform de analyse die de filosoof Harry Frankfurt gaf in zijn schitterende essays ‘On Truth’ en ‘On Bullshit’. Frankfurt analyseert dat wie leugens verspreidt in elk geval nog het onderscheid tussen leugen en waarheid maakt, terwijl de bullshitter het niets kan schelen. Die orakelt maar wat, als het maar hemzelf en Het Grote Idee dient. Baudet is evident een bullshitter, in Frankfurt’s definitie.

Intussen wordt het steeds lastiger om te midden van alle kulkoek zicht te krijgen op wat waar is en wat niet, en dus op wat nu de werkelijke dilemma’s en keuzes zijn. Het was altijd al lastig effectief milieu-, natuur- en klimaatbeleid voor elkaar te krijgen. Nu we in toenemende mate door de bullshit heen moeten waden voor we bij de werkelijke keuzes zijn aangeland wordt het er niet makkelijker op. Hoe moeten we daarmee omgaan? Laten we daar maar ’s over filosoferen deze kerst, voor we feitenvrij een nieuw jaar in gaan.

(Verscheen eerder op Energiepodium op 18 december 2019)

Jan Paul van Soest, partner de gemeynt

Iedereen doet wat, kan ik mooi even rusten


Beste Rijksoverheid,

Ongeveer gelijktijdig met het verschijnen van de Klimaat- en Energieverkenning (KEV) en de Aandachtspuntennotitie Klimaatakkoord, beide van het Planbureau voor de Leefomgeving PBL, zag ik toevallig ook de campagnewebsite ‘Iedereen doet wat’.

Uw inspanningen voor een goed klimaatbeleid met een heel pakket aan maatregelen verdienen lof. Toegegeven, het is vermoedelijk nog onvoldoende om de doelstellingen te halen, maar u komt een eind in de richting. Het is waar, tijdens de komende jaren kunnen nog aanscherpingen plaatsvinden. Maar ook afzwakkingen, een volgend kabinet kan zomaar een reactionaire koers gaan varen, zoals eerder het kabinet Wilders-I, dat zo’n beetje alle klimaat-, milieu- en natuurbeleid door het gootsteenputje spoelde. We plukken bijvoorbeeld we nog steeds de wrange ecologische én economische vruchten van het falende stikstofbeleid dat door dat kabinet van natuurvandalen in elkaar is gezet. Dat de toen verantwoordelijke staatssecretaris, Hij-die-niet-genoemd-mag-worden, onlangs de boeren op het Malieveld steunde in hun verzet tegen zijn eigen wanbeleid is een gotspe.

Maar ik dwaal af. Waar het me om gaat is dat u als Rijksoverheid met het net doorgerekende klimaatbeleid uw verantwoordelijkheid hebt genomen. ’t Was even zoeken, maar na een onduidelijk proces in het begin werd allengs duidelijker dat het om een kabinetsstandpunt en -beleid moest gaan. Zo werd een beoogd Klimaatakkoord tussen markt- en maatschappelijke partijen het uiteindelijk kabinetsklimaatbeleid.

Terecht. Immers, een stabiel en leefbaar klimaat is een collectief goed (en wel een ‘zuiver collectief goed’, dit even voor de liefhebbers), dus is het aan de overheid om het gebruik en de bescherming ervan te regelen. De omslag van Klimaatakkoord naar Klimaatbeleid doet vermoeden dat er een einde lijkt te komen aan het perfide neoliberale idee dat ook bij collectieve goederen ‘de markt’ het wel kan oplossen.

Groot was daarom mijn verbazing toen ik dezer dagen ook op de campagne ‘Iedereen doet wat’ stuitte. Wat krijgen we nu? De Rijksoverheid die zijn burgers vertelt hoe ze zich in hun rol van consument moeten gedragen? Deze campagne bevestigt nu juist het perverse neoliberale idee dat een individu verantwoordelijkheid zou moeten nemen voor het oplossen van collectieve problemen. Daar begonnen we toch net afscheid van te nemen.

Los van het feit dat de Rijksoverheid geen geloofwaardige en effectieve afzender is van gedragscampagnes, roept ‘Iedereen doet wat’ de vraag op wat u nu eigenlijk met die campagne beoogt. Nog even een strijkorkestje laten spelen terwijl de neoliberale Titanic zinkt? Reclame maken voor bedrijven en organisaties als ABN-AMRO, HIER en Husqvarna die ‘ook wat doen’? Alvast een disclaimer voor falend klimaatbeleid neerleggen? “Helaas, het kabinet heeft de doelen niet gehaald, maar ja, al die consumenten en bedrijven deden niks terwijl we zo hoopten dat iedereen wat zou doen. Kijk, Maria verzuimde haar deurdranger te monteren, Bas heeft zijn radiatorfolie nog steeds in rollen op zolder liggen, en Diana doucht twee keer zo lang als vroeger nu ze zo’n waterbesparende douchekop heeft. Dan kunt u van de overheid natuurlijk ook niet verwachten dat ze de klimaatdoelen haalt, wel?”

Of is er eigenlijk helemaal niet nagedacht over hoe zo’n campagne zich tot het bredere overheidsbeleid verhoudt? Ik vrees het laatste, integraal beleid is moeilijk, iedereen doet meestal maar wat.

Beste Rijksoverheid, stop alstublieft mijn belastinggeld te verspelen aan gedragscampagnes. De overheid is er om maatregelen te treffen die de individuele burger niet zelf kan nemen (zoals in het geval van collectieve goederen), niet het omgekeerde, om de burger te vertellen hoe hij of zij moet leven. Dat maak ik zelf wel uit. Zo zal ik zelf de campagne maar even omgekeerd gebruiken: als iedereen wat doet kan ik ’s even klimaatvrij nemen.

Maar ik maak graag één uitzondering. Mijn belastinggeld mag wél ingezet worden voor een campagne gericht op de leden en gedogers van kabinet Rutte-I, in het bijzonder Hij-die-niet-genoemd-mag-worden. Aan een campagne die duidelijk maakt wat voor ecologische wanprestatie toen is geleverd, en hoe we daar tot op de dag van vandaag onder zuchten, wil ik graag meebetalen. Via de belasting. Desnoods vrijwillig. Op welk rekeningnummer kan ik storten?


Jan Paul van Soest, partner de Gemeynt

Eerder gepubliceerd op energiepodium.nl, d.d. 04-11-2019

Publieke discussies: I&W laat je horen!

Het gebeurt nog om de haverklap: in hedendaagse discussies over klimaatverandering op twitter of publieksfora als nu.nl is er altijd wel iemand die roept dat de zure regen toch ook maar een hoax was, en het gat in de ozonlaag idem dito. Waarmee de roeper maar zeggen wil: die klimaatverandering is ook gewoon flauwekul die enkel bedacht is om de eerzame burger geld uit de zak te kloppen. Wel, dat het de burger linksom of rechtsom geld gaat kosten is wel duidelijk, via mitigatie (emissiereducties) en/of via adaptatie (aanpassen aan de hoe dan ook onvermijdelijke verdere opwarming hoeveel er ook wordt gemitigeerd) en/of via klimaatschade – de burger gaat betalen. Maar dankzij een goed doordachte dosis mitigatie in de mix kunnen de meerkosten relatief beperkt blijven. Bij uitstek de beleidsgeschiedenissen van de zure regen en het gat in de ozonlaag laten dat zien.

Zeven energie- en klimaatzorgen

Jan Paul van Soest over zijn zorgen bij de ombouw van een energiesysteem dat in tientallen jaren is verfijnd en geoptimaliseerd, maar dat ook best vast zit.

Mag ik wat zorgen met u delen? Ook als ik daarvoor geen oplossingen weet? Ik nodig u wel graag uit uw antwoorden te geven, en uiteraard is ook bij mij het denkwerk in volle gang. De zorgen betreffen de ombouw van een complex energiesysteem dat in tientallen jaren is verfijnd en geoptimaliseerd, en waarin een vele professionele en kapitaalkrachtige spelers hun rollen en niches hebben gevonden. Logischerwijs zit dat best vast. Dat het anders moet staat buiten kijf. Doorgaan op deze weg brengt een zeer risicovolle klimaatverandering met zich mee, door de broeikasgassen die aan het energiesysteem ontsnappen. Er zijn ook andere zorgelijke impacts, zoals de aardbevingen bij de Groningse gaswinning, maar ik concentreer me hier op klimaat.

Dat is meteen mijn eerste zorg: er zijn veel verschillende motieven voor verandering in omloop, variërend van ‘mijn’ klimaatmotief tot motieven als energie-onafhankelijkheid, kleinschaligheid of de wens het kapitalistische systeem omver te werpen. Hoe krijgen we daar meer eenduidigheid in? Of als er geen eenduidigheid te creëren is, hoe kunnen we gegeven de diversiteit van verandermotieven toch effectief het klimaatprobleem aanpakken?

Mijn tweede zorg betreft het nieuwe energiesysteem. Ook dat heeft impacts, al worden die liefst niet benadrukt. Maar naarmate het nieuwe energiesysteem met een toenemend aandeel hernieuwbare bronnen zich verder ontwikkelt worden die steeds zichtbaarder. Ruimtelijke impact, aantasting van biodiversiteit (met name bij biomassa-inzet een groot risico), grondstoffenschaarste, en zo zijn er meer. Kunnen we die impacts beter in kaart brengen en in bespreking brengen voor ze zich zodanig aandienen dat ze het draagvlak voor de energietransitie ondermijnen? Dat proces is al gaande, vrees ik.

De redenering ‘het klimaat gaat naar de haaien dus moet Nederland vergaand zijn emissies reduceren’ klopt wel, maar gaat tegelijk een wezenlijk dilemma uit de weg

Afvang en opslag van CO2: pleidooi voor een verguisde optie

Accepteer CCS als wezenlijk onderdeel van een tweegraden-pakket

Het permanente gesteggel over welke opties in het energie- en klimaatbeleid het meest gewenst zijn, en welke juist absoluut niet, verlamt het debat en belemmert dat effectieve maatregelen worden getroffen. Ik geloof dat een welles-nietes over individuele opties, of dat nou technologieën of gedragskeuzes of levensstijlen zijn, ons geen steek verder brengt.

Een uitspraak ‘leve wind op zee’ bevordert de totstandkoming van wind op zee geenszins. Een spandoek ‘hoera voor kernenergie’ zal geen investeerder over de streep trekken. Een publieke afkeuring van bijstook van biomassa weerhoudt niemand van uitvoering van zijn plan als dat lucratief is. Een oproep tot een klimaatvriendelijke levensstijl wordt op zijn best met enige instemming gelezen, mogelijk in het vliegtuig op weg naar de Maladiven.

Soms is het in het maatschappelijke en politieke debat helaas onvermijdelijk om toch even op een bepaalde technologie of familie van technologieën in te gaan. Dat is dan niet met de intentie die optie te pluggen, maar om te bezien welke structurele maatregelen nodig zijn om in elk geval de mogelijkheid te creëren dat een op langere termijn vermoedelijk benodigde optie zich ook echt kan ontwikkelen.

De ellende is dat zo’n genuanceerd en op beleidsmaatregelen gericht betoog in het huidige maatschappelijke debat, waarin de opties in plaats van de maatregelen centraal staan, gemakkelijk wordt misverstaan. Gezien door de lens van het welles-nietes-debat over welke technologieën we het liefste hebben dan wel het meest verafschuwen wordt elke bijdrage gemakkelijk als een welles- of nietes-inbreng gezien.

Talloze studies tonen aan dat de doelstelling maximaal twee graden opwarming onhaalbaar is als er geen CCS in de mix zit