Vogels tellen in Oman (Blog 6)

Masirah Island, het einde van de tellingen 

© Steven de Bie

© Steven de Bie

De laatste telling alweer op het vaste land van Barr al Hikman. Het weer helpt niet mee, want de wind is behoorlijk aangewakkerd en voert veel zand en stof aan. Overal dringt het zand doorheen, tot in de tent toe. Koffie zetten en eieren bakken lukt met moeite. Eenmaal onderweg is ook de lucht zandkleurig en het zicht beperkt. Wanneer we gaan tellen striemt het zand ons in het gezicht. Gelukkig is het op het wad veel beter: minder zand en beter zicht. We tellen de secties die nog resteren en kunnen ‘s avonds constateren dat we het vaste land compleet hebben geteld: “die zit in de tas”. Resultaat: meer dan 530.000 vogels, een record aantal dat ruim 50.000 hoger is dan dat van de laatste telling in 2014.

Wat resteert is nog één telling op het eiland Masirah dat tegenover Barr al Hikman ligt. Het eiland maakt geografisch geen deel uit van Barr al Hikman maar ecologisch bekeken maken de aanwezige wadplaten daar wel deel van uit.

Het lukt ons niet de avondboot naar Masirah te nemen: volgeboekt. De alternatieven lijken aantrekkelijk, maar de chaos om aan boord van die andere schepen te komen én de opstekende wind doen ons besluiten om voor veilig te gaan en kaartjes te kopen voor de ochtendferry van 9 uur. In de harde wind zetten we de tenten op. Daarna gebruiken we de luwte van de auto’s en een vissershut om de telresultaten van vandaag te verwerken voordat we de slaapzak opzoeken.

Na een koude nacht staan we er de volgend ochtend verkleumd bij als we snel een kopje thee drinken voor we naar de ferry rijden. Het is niet druk aan boord. Mooi weer met volle zon en een wat afgenomen wind maken deze overtocht tot een uitje. Al gauw doemen de bergen van Masirah op. De havenplaats is een vriendelijk islamitisch stadje met uitsluitend laagbouw.

Er zijn verschillende telgebieden op Masirah Island, maar we besluiten vooral aan die secties aandacht te geven die een belangrijke rol spelen in het grotere ecosysteem van Barr al Hikman. In twee teams werken we vanuit respectievelijk het noorden en het zuiden naar elkaar toe. Het landschap bestaat hier uit grote strandvlakten met zo nu dan een concentratie van vissershuizen. Vrij veel bomen bij de huizen, iets dat je op het vaste land niet ziet. Op de achtergrond zorgen de bergen voor een palet aan paarse en donkerbruine kleuren, met daartegenover een turkooise zee.

De aantallen vogels zijn klein vergeleken met onze ‘vaste land’ tellingen; wel soortenrijk. Het soortenspectrum is gelijk aan die van de andere tellingen, maar de verhouding tussen de soorten is anders. Zijn er op het vaste land meer Mongoolse plevieren dan woestijnplevieren, op Masirah lijkt het omgekeerde het geval te zijn. Een nog niet eerder genoteerde soort die we hier vrij veel zien is de aasgier.

We hebben nog wat tijd over en gaan naar de zuidpunt van het eiland om naar langstrekkende zeevogels te kijken. De beloofde pijlstormvogels, genten en jagers laten het echter afweten. Dan maar fraaie schelpen zoeken op het strand, zoals echte toeristen op een tropisch eiland.

Het zit erop. Morgen terug naar Muscat voor de debriefing en de reis naar huis.

Steven de Bie, 31 januari 2016

Delen

Labels:, ,