Veluwe als systeem levert meerwaarde op

Het is zoals de reclame voor pindakaas het zegt: wie is er niet groot mee geworden? Dat geldt voor de Efteling, en het geldt voor de Veluwe – velen zijn er geweest en hebben mooie herinneringen aan hun bezoek. De economische betekenis van de Veluwe is dan ook groot. En toch. Wie over de Veluwe wandelt, er werkt of confereert en de vele rapporten leest die over het gebied in omloop zijn, krijgt onvermijdelijk de indruk dat zowel de natuur als de economie nog aanzienlijk versterkt kan worden.

Door Jan Paul van Soest en Steven de Bie

(Dit artikel is verschenen in tijdschrift Nieuwe Veluwe, tijdschrift voor natuur en cultuur, No. 1/2012, nadere informatie, abonnementen en bestellen van losse nummers  hier) Veluwe Hoewel plannen als Veluwe 2010 en het Beheerplan Veluwe in de afgelopen jaren onmiskenbaar meer samenhang en samenwerking hebben gebracht, lijkt de vaart anno 2012 er uit te gaan. Landelijke bezuinigingen en daarnaast een merkbare rancune tegen het tot nu toe gevoerde natuurbeleid, beperken de mogelijkheden. De ecologische hoofdstructuur wordt ‘herijkt’, beheervergoedingen herzien, de aanleg van ‘nieuwe natuur’ komt stil te liggen. Ook bestuurlijk verandert er een en ander. Tot nu toe was er één Veluwecommissie, waarin een veelheid van partijen gezamenlijk de provincie Gelderland adviseert over de gehele Veluwe. Die is opgeheven, in plaats daarvan komen verschillende regiocommissies, waarbij de Veluwe in vier brokken wordt opgedeeld

Daarmee doen de Veluwe en haar bewoners en bestuurders zichzelf tekort. Er zijn parallellen met andere complexe systemen waar een waaier aan economische activiteiten aan verbonden is, zoals de Waddenzee, maar ook internationaal zijn er voorbeelden. Die laten zien dat een versnipperde, defensieve benadering uiteindelijk altijd de dood in de pot is, terwijl juist een samenhangende en visionaire aanpak de economie zowel als de natuur ten goede komt.

Ga uit van de Waddenzee

We maken even een uitstapje, van de Veluwe naar de Waddenzee. Eind vorige eeuw liep de discussie over de Waddenzee helemaal spaak. Met als gevolg dat niet alleen de natuur van de Waddenzee achteruit bleef gaan, maar ook dat de economische ontwikkeling in en rondom het gebied stagneerde. Allerlei betrokkenen hadden zich ingegraven in de loopgraven van hun eigen gelijk, activiteiten met grote schade aan de natuur konden hun gang gaan, zoals de kokkelvisserij, terwijl activiteiten die geen schade aanrichten, zoals gaswinning, in de publieke opinie en de media de boosdoener waren. Wetenschappelijke kennis speelde amper nog een rol. Een ‘bestuurlijke spaghetti’ bemoeide zich met beleid zowel als beheer, soms tot op detailniveau, maar bleek in de praktijk alleen ontwikkelingen te kunnen tegenhouden en geen nieuwe kansen te kunnen creëren. Een intensief stakeholderproces en de Commissie-Meijer brachten uiteindelijk nieuw perspectief en nieuw elan. De kern: ga uit van de Waddenzee en ommelanden als samenhangend systeem, met primaat voor de natuur, en ontwikkel met kracht die economische activiteiten die de veerkracht van het systeem intact laten. Voor de Veluwe kan een vergelijkbaar denk- en ontwikkelmodel worden vormgegeven.

Groot-Veluwe

We zien daarvoor vier bouwstenen. De eerste is vaststelling van wat we nu eigenlijk onder de Veluwe willen verstaan. In de beeldvorming gaat het dikwijls alleen om het hoge gedeelte, het centraal Veluws natuurmassief of CVN. Morfologisch, cultuurhistorisch, hydrologisch en ecologisch gezien is dat te beperkt. Juist ook de waardevolle randen van de Veluwe in de systeemvisie moeten worden meegenomen: het Veluwemeer, het IJssel-Rijngebied, en de laaggelegen Gelderse Vallei, die dankzij de een na laatste ijstijd een ontstaansgeschiedenis met elkaar delen. Die geschiedenis kan ook weer de weg wijzen naar een gezamenlijke, aantrekkelijke toekomst: landschappelijke en natuurkwaliteiten uit het verleden geven hier, in tegenstelling tot beleggingen, juist wel garanties voor de toekomst. Het is tijd om de waarde van het gehele systeem, ‘groot-Veluwe’, eens letterlijk en figuurlijk in kaart te brengen, als gids naar wat geleidelijk weer vorm moet kunnen krijgen.

Economie op basis van ecologie

De tweede bouwsteen: de economie zoals die zich op basis van de ecologische karakteristieken van een gebied kan vormen. Zoals vaak is ook op en rondom de Veluwe de cultuurhistorische en economische ontwikkeling in belangrijke mate gebaseerd geweest op de mogelijkheden die het ecologisch en landschappelijk kapitaal bood. De regionale economie is soms gegroeid doordat het natuurlijk kapitaal werd opgesoupeerd (denk aan de veenwinning in de Gelderse Vallei), maar er zijn ook succesverhalen, waarbij de economie zich kon ontwikkelen dankzij oogsten van in plaats van interen op het natuurlijk kapitaal. Dat geldt bijvoorbeeld in hoge mate voor recreatie en toerisme, dat bij uitstek gedijt als het natuurlijk kapitaal intact is.

Veenendaal

De economie rond Veenendaal ontstond door opsouperen van het natuurlijk kapitaal, het veen. De kunst voor de toekomst is de economie te laten floreren door duurzaam gebruik te maken van het natuurlijk kapitaal.

Een krachtiger en uitgebreidere ‘groot-Veluwe’ biedt naar verwachting mogelijkheden de toerisme-sector naar een hoger plan te brengen, door met name uitbreiding in het hoogwaardige, duurdere segment. Lodges en voorzieningen geïnspireerd op de beste Afrikaanse safari’s, close encounters met bijzondere wilde dieren en vogels, afgewisseld met bezoeken aan bijzondere cultuurhistorische bezienswaardigheden, kunnen een publiek trekken dat nu liever kostbare buitenlandse reizen maakt dan de Veluwe te bezoeken.

Het verbinden van afzonderlijke, deels nog omheinde gebieden verhoogt de dynamiek van het gebied als geheel, en vergroot zo de kans dat verdwenen soorten, zoals de wolf, terugkeren, wat de aantrekkelijkheid weer verder vergroot. De aanwezigheid van top-predatoren helpt natuurlijke evenwichten terug te brengen, wat de beheerskosten verlaagt, de landschappelijke aantrekkelijkheid verhoogt en de soortenrijkdom vergroot. De herintroductie van de wolf in Yellowstone Park gaf verbluffende effecten: de overbegrazing stopte, bomen en struiken langs rivieren en beken herstelden zich, waardoor de bevers terugkwamen en vis- en vogelstanden verbeterden. Ter plekke bleek het ongelijk van de filosoof Bas Haring, die in zijn boek Plastic Panda’s beargumenteert dat de aarde wel met minder soorten toe kan. De Yellowstone-ervaringen laten zien dat meer soorten niet alleen op zichzelf al interessant zijn, maar dat ook de economische opbrengsten daaraan stijgen als de aantrekkelijkheid van een gebied groeit.

Deze principes kunnen ook op de Veluwe worden toegepast. Het versterken van de kwaliteit van het Centraal Veluws Natuurmassief én de omringende gebieden biedt ruimte voor nieuwe bedrijvigheid, vooral in de toeristische sector, met hogere economische marges. Daarnaast blijkt hoogwaardige natuur en landschap in de nabijheid een vestigingsvoorwaarde van betekenis zijn voor bedrijven en kennisinstellingen die zich rondom de Veluwe willen vestigen of uitbreiden.

Veluwe als gemeynt

De derde bouwsteen is een passende governance, die het hele gebied inclusief de waardevolle randen zou moeten bestrijken. Governance is niet het zelfde als sturing of beleid. Het gaat om het geheel aan regels en afspraken die de belangrijkste actoren in een gebied met elkaar maken om dat gebied duurzaam te kunnen behouden en ontwikkelen. De naam van ons eigen samenwerkingsverband, De Gemeynt, ook wel Marke in Oost-Nederland, duidt daarop: dat is oud Zuid-Nederlands voor de gezamenlijke hulpbronnen van een gebied inclusief de spelregels die gelden voor het gebruik ervan. We bepleiten dat de groot-Veluwe zich als gemeynt ontwikkelt, met een gemeenschappelijk doel en perspectief, en daarbinnen samenwerking, maar ook concurrentie en competitie. Het is niet werkzaam als zo’n model van hogerhand wordt opgelegd, beter is het als het idee en de samenwerking van onderaf groeit. Maar het vergt wel dat enkele partijen de bal aan het rollen brengen.

Potenties tot wasdom

Dat voert naar de vierde en laatste bouwsteen: het proces dat nodig is om de potenties van de Veluwe tot wasdom te laten komen. Als het idee van de ongekende mogelijkheden van de Veluwe voor economie en natuur niet breed worden herkend en erkend, zijn al deze ideeën tot mislukken gedoemd. Bedrijfsvertegenwoordigers, de landbouw, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en lagere overheden zullen als het ware de Veluwe opnieuw moeten uitvinden om de mogelijkheden die we hier verkenden uit te werken en uiteindelijk te verzilveren. Ook dat leert de Waddenzee-analogie: al zijn de plannen nog zo mooi, als ze niet in de hoofden en harten van sleutelspelers landen, blijft beweging uit. Dat zal bij de Veluwe niet anders zijn. De vraag is vooral welke partijen hierin de leiding willen nemen, nu overheden zich meer en meer terugtrekken.

Vier bouwstenen voor de Veluwe

  1. duidelijke visie op de ecologische basis van de Veluwe en de ontwikkelmogelijkheden die deze biedt.
  2. analyse van de relatie tussen de ecologie van de Veluwe en de hiermee samenhangende economie.
  3. beeld van de benodigde samenwerking en besturing, ook wel governance genoemd.
  4. zorgvuldig proces dat waarborgt dat organisaties, instellingen, bedrijven en andere stakeholders zich betrokken voelen en erop kunnen vertrouwen dat hun belangen ook in de toekomst een plaats zullen krijgen.
Delen