Anonieme Acceleratisten houden niet van helderheid

Exponentiële groei van rijstkorrels op een schaakbord.

Het rapport ‘Better Growth, Better Climate’ van de Commissie-Calderón (de voormalige president van Mexico) maakte in allerlei landen enige furore. Dat is gezien de conclusies niet zo gek: stevig en vooral slim klimaatbeleid versterkt volgens het rapport de economische groei. Wie wil dat nou niet? En een leefbaar klimaat, en een economie die harder groeit dan zonder klimaatbeleid, op zoveel vrolijkheid is de wereld toch amper berekend?

Tot nu lieten de meeste sommen van economen zien dat klimaatbeleid groei kost. Bijzonder weinig trouwens: veel meer dan 0,06 procentpunt groeivertraging per jaar zou het niet zijn, als we de meeste modelberekeningen mogen geloven. Regeringsleiders geloofden de cijfers stellig niet, want kom op: wie zou een risicobeperkend klimaatbeleid laten liggen als dat maar 0,06 procentpunt per jaar groei zou kosten? Dat zie je niet eens terug in de jaarlijkse ruis van de getallen.

En daar komt dan de commissie-Calderón met een rapport dat nog een stap verder gaat: goed klimaatbeleid bevordert de groei.

De commissie beredeneert en berekent dat verstandig klimaatbeleid een heleboel andere baten dan enkel klimaatbaten heeft. Dat klopt. De luchtkwaliteit kan bijvoorbeeld sterk verbeteren als door dalende kolenstook de fijnstofconcentratie afneemt. Fijnstof brengt een enorme gezondheidsschade met zich mee. Vervanging van kerosinelampen in Afrika door zonne-energie LED-lampjes scheelt ongelofelijk veel doden en gewonden. En zo is er een hele reeks van maatregelen met een positieve bijvangst.

Hartstikke goed voor de economie, en dus voor de economische groei, concluderen Calderón en de zijnen.

So far, so good, als ‘de economie’ gedefinieerd is als de manier waarop we de welvaart die ontleend wordt aan het inzetten van schaarse middelen definiëren – en niet alleen financieel, als geld en BBP zoals we nu doen. Als we ‘groei’ definiëren als toename van de echte welvaart, en niet alleen als toename van het BBP.
Maar ziedaar het probleem: ‘welvaart’ staat voor BBP, en economische groei staat voor méér BBP. In die definities en omschrijvingen worden tal van schaarsten en risico’s niet meegenomen als ze niet in geldtermen worden gemeten. Gezondheid komt pas in het BBP als iemand ziek wordt en voor behandeling moet betalen. Voorraden brandstoffen en grondstoffen die onder de grond zitten staan niet op de balans, maar worden pas bij het BBP opgeteld als ze worden gewonnen. Klimaatrisico’s tellen niet in het BBP, maar uitgaven om deze te beperken wel. Anders gezegd: een slinkende voorraad natuurlijk kapitaal zien we niet in het BBP. En een toenemende voorraad natuurlijk kapitaal, waar verschillende maatregelen van de commissie-Calderón toe leiden, zien we ook al niet in het BBP.

Maar het probleem is: regeringen varen vrijwel alleen op het BBP(-groei) als kompas. De commissie-Calderón noemt de feilen van het BBP wel, maar de hoofdboodschap is toch: klimaatbeleid versterkt de groei. Om politieke redenen, zonder twijfel: het idee zal zijn dat regeringsleiders een boodschap die aansluit bij hun paradigma wél zullen slikken, en de realiteit niet.

Ik betwijfel dat. Deze politieke framing veegt immers de inherente spanning tussen economische groei (in BBP gemeten) en bescherming van ons natuurlijk kapitaal (waaronder klimaat) onder het tapijt.

Het zal mijn naïeve aard zijn: het is beter dat degenen die de kosten en baten van klimaatbeleid moeten afwegen tegen die van klimaatverandering (wie niet eigenlijk?), dat met een open oog voor de werkelijkheid doen, dan met een vertroebelde blik op die werkelijkheid. Daar zit het probleem met het rapport-Calderón: de maatregelen zijn wel goed, maar de argumentatie versluiert de realiteit. En aan die realiteit zullen we toch vroeger of later moeten wennen.

Het wachten is daarom op een commissie die de werkelijkheid open en eerlijk durft benoemen. En ook dan zal het nog wel even duren voor de bevindingen geaccepteerd worden. We hangen immers zo aan BBP-groei dat boodschappen die daar tegenin gaan onwelgevallig zijn. Anonieme acceleratisten willen niet horen dat eindeloze consumptiegroei in een eindige wereld niet kan. Zelfs niet als we zonder groei van het BBP wel eens gelukkiger zouden kunnen worden dan met.

(Eerder verschenen als column op Energiepodium)

Delen