Klimaatbeleid gegijzeld door Europese emissiehandel

Het klimaatbeleid wordt gegijzeld door het Europese emissiehandelssysteem (ETS). Daardoor nemen we in eigen land dure maatregelen in allerlei sectoren, maar blijven goedkope maatregelen in ETS-sectoren liggen. De remedie: voer klimaatbeleid alsof er geen ETS is.

Het was een klein wonder toen het Europese emissiehandelssysteem (ETS) voor de industrie in 2005 van start ging. Met het systeem werd immers een plafond (quotum) gecreëerd voor industriële emissies, en de resulterende CO2-prijs zou de industrie ertoe aanzetten kosteneffectieve maatregelen te nemen – een droom van een instrument, niet?

Helaas blijkt de droom niet uit te komen. De prijs van emissierechten is veel te laag en er is een dermate groot overschot aan rechten in de markt dat niemand verwacht dat die prijs de komende 15 jaar naar een niveau oploopt waardoor er wel een stimulans ontstaat om te investeren. Hoe dat komt is hier eigenlijk niet zo interessant, wat belangrijker is: wat te doen? De huidige situatie leidt namelijk tot vreemde effecten zoals het sluiten van een aantal zeer efficiënte gascentrales terwijl kolencentrales die twee keer meer CO2 uitstoten blijven doordraaien zonder de beloofde CO2-afvang en opslag (CCS).

Echt iets doen aan behoud van onze biodiversiteit, onze natuur

De laatste tijd vinden er nogal wat bijeenkomsten, expert meetings, conferenties en dergelijk plaats die allemaal biodiversiteit of natuurlijk kapitaal als thema hebben. Deskundigen, ondernemers, beleidsmakers vertellen elkaar wat er moet gebeuren om onze planeet te behouden en de variatie aan planten en dieren te beschermen en vooral ook hoe dat moet gebeuren. Allemaal bevlogen mensen die op de een of andere manier iets hebben met dit onderwerp. Ik ben daar ook vaak bij, eerlijk is eerlijk.

Toch bekruipt me in toenemende mate een gevoel van “what am I doing here?’ Ik probeer te begrijpen waar dit gevoel vandaan komt. Is het vanwege een déjà vue, een gevoel van ‘dit hebben we al jaren geleden ook besproken en bediscussieerd’, een ‘dit weten we toch al’? Is het omdat ik bemerk dat we niet veel verder komen? Is het misschien en vermoeidheid na jaren van inzet en betrokkenheid? Ja, al dit soort overwegingen komen bij me op en bepalen dat gevoel. Zeker ook het gevoel dat we meer met elkaar bezig zijn dan samen een stap zetten die er toe doet.