Berichten met een Label ‘klimaat’

Keizer Klimaatbeleid heeft geen kleren aan

De aandacht voor klimaatverandering en -beleid is op zichzelf goed nieuws: de gevolgen van opwarming met meer dan twee graden Celsius zijn een gegronde reden die opwarming beperkt te houden, zoals in 2015 in het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken. Maar schijn bedriegt: de wereldwijde uitstoot van CO2 is na een paar jaar stabilisatie vorig jaar weer met 2 procent gestegen.
 
Jan Paul van Soest
 
Nederland doet het niet veel beter; vorig jaar daalde de uitstoot maar een klein beetje en na eerdere stijging. In de grafieken die de ontwikkeling van de concentratie van broeikasgassen laten zien is er geen enkel effect van de jaarlijkse klimaat-topconferenties te bespeuren.
Deze constatering staat haaks op het beeld dat regeringen, gemeente- en provinciebesturen, maatschappelijke organisaties en bedrijven oproepen door elkaar in doelstellingen te overbieden: halvering van de uitstoot in 2030! Energieneutraal in 2035! Klimaatneutraal in 2040! Volledig duurzaam in 2050! Er wordt beleid gemaakt dat het een aard heeft. Er is een veelheid van plannen en maatregelen, die gericht zijn op een grote verscheidenheid van subdoelen en opties.

En toch daalt de CO2-uitstoot niet of nauwelijks. Hoe kan dat? Drie wetmatigheden kunnen een verklaring leveren.

1

It’s the system, stupid De energievoorziening is een samenhangend systeem, dat in de loop van vele tientallen jaren is ontwikkeld en verfijnd. Fossiele brandstoffen zijn door hun grote voordelen de motor van de economie geworden: de winning is goedkoop, en het gebruiksgemak van met name gasvormige en vloeibare brandstoffen is onovertroffen. De energiedichtheid is hoog, en transport per pijp, schip of over de weg kost weinig. Ze zijn ook goedkoop en gemakkelijk als grondstof beschikbaar.

Minpunt: de laatste tientallen jaren zijn de negatieve effecten van fossiele brandstoffen steeds meer zichtbaar geworden: klimaatverandering door verbranding van fossiele brandstoffen, en aardbevingen bij gaswinning. Maar de fossiele brandstoffen staan nog stevig. In Nederland is nog bijna 94 procent van de energievoorziening fossiel.

Met deze verhoudingen bepalen ongetemde internationale markten voor fossiele brandstoffen, geopolitieke doelen en grote bedrijfsbelangen de koers van de energievoorziening. Een kleine prijsschommeling op de brandstoffenmarkten heeft een veel groter effect op het energie- en grondstoffengebruik dan de subsidies die het nu bescheiden aandeel duurzame energie moeten opkrikken. De les is: duurzame energie in een systeem duwen dat door fossiele brandstoffen wordt gedomineerd verandert de werking van dat systeem nauwelijks.

2

Jan Tinbergen heeft gelijk. Voor elke doelstelling is ten minste één specifiek daarop gericht instrument nodig. De Nederlandse econoom en Nobelprijswinnaar Jan Tinbergen formuleerde deze regel toen hij vanaf 1945 de eerste econometrische modellen ontwikkelde. Hoewel het doel is dat de CO2-uitstoot naar beneden moet, zijn de instrumenten, zoals subsidies, regelgeving, normen en fiscale maatregelen, gericht op meer windmolens en zonnecellen, meer elektrische auto’s of andere doelen.

Die doelen komen ook naderbij: er komen meer zonnecellen en windmolen, en elektrische auto’s. Alleen: de gemiddelde temperatuur op aarde trekt zich er niets van het aantal zonnepanelen en windturbines dat staat opgesteld, of van het aantal elektrische auto’s dat rondrijdt. Slechts de concentratie van broeikasgassen telt, en die stijging kan slechts een halt worden toegeroepen door dáárop te sturen: beloon de reductie van CO2, bestraf de uitstoot ervan. Jan Tinbergen wist het al.

3

In de polder is effectief klimaatbeleid onhaalbaar. Minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) heeft alle belanghebbenden aan ‘klimaattafels’ genood om akkoorden te sluiten. Dat is zoiets als alle boerderijdieren vragen het kerstmenu te bedenken. Dat wordt dan vlees noch vis.

Producenten en consumenten kunnen het spel allemaal nog wel ietsje groener spelen, maar om onder de twee graden opwarming te blijven zijn groenere spelregels onontbeerlijk. Alleen overheden kunnen, namens allen, die spelregels veranderen. Als de polderpartijen het met de huidige spelregels moeten doen, kan het resultaat nooit afdoende zijn. De ‘poldertafels’ kunnen hooguit tot nieuwe spelregels oproepen, de overheid zal ze moeten vaststellen.

Het negeren van deze drie hoofdwetten – het gebeurt niet alleen in Nederland, maar overal ter wereld – leidt tot ambitieuze doelstellingen in klimaatwetten, hoofdlijnakkoorden en plannen, en tot een boel bestuurlijke drukte, wat de indruk wekt dat er grote vooruitgang wordt geboekt. Maar Koning Klimaat blijkt naakt.

Alle plannen en akkoorden zijn machteloos zolang er op de verkeerde grootheden wordt gestuurd, onvoldoende rekening wordt gehouden met het bestaande systeem, en er geen of alleen heel zwakke instrumenten zijn die het hoofddoel naderbij brengen: minder broeikasgassen, en rap een beetje. In dit licht hoeft het niet te verbazen dat ondanks alle mooie woorden de CO2-concentratie in de atmosfeer vorig jaar zelfs sneller gestegen is dan in de hele meetperiode sinds 1957 het geval is geweest.

Jan Paul van Soest is partner bij De Gemeynt, duurzame denkers, adviseurs en entrepreneurs.

Artikel eerder geplaatst in NRC (6 juli 2018)

We zitten klem, maar willen het niet weten.

Conferentie Our Common Future under Climate Change, Parijs juli 2015: zorgen over de planetary boundaries. Foto © J.P. van Soest

De discussie over hoe – in hemelsnaam – de tweegradendoelstelling uit het Parijse klimaatakkoord te halen valt zwelt aan. Dat is goed: die discussie moet worden gevoerd. Wat minder goed is, is dat in dat de debat de wezenlijke keuzes onvoldoende zichtbaar worden.

In plaats daarvan gaat het debat van incident naar incident, waarin telkens een boel wensdenken wordt geprojecteerd.
Op het moment van schrijven staat de gasproefboring Schiermonnikoog ter discussie, en lijkt het dat als we die voorkomen de rest van de Nederlandse energiehuishouding vanzelf klimaatneutraal wordt. De realiteit is natuurlijk dat tegenhouden van welke winning dan ook, kolen, olie of gas, de uiteindelijke uitstoot van CO2 geenszins beïnvloedt, of misschien zelfs wel verergert als een koolstofarme fossiele bron door een koolstofrijkere bron wordt vervangen.
Maar we koesteren ons graag in de illusie. Net zoals we ons vrolijk warmen aan elke nieuwe zonnecel of windturbine die wordt geïnstalleerd, zonder ons te realiseren dat het klimaat zich niets aantrekt van de hoeveelheid zonnecellen of windturbines die er op aarde staan. Het trekt zich alléén wat aan van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer, en die is voor CO2 dit jaar op alle plekken op aarde, Antarctica incluis, definitief boven de 400 ppm gekomen. Hét meetstation Mauna Loa op Hawaï, bekend van de Keeling-curve, tikte eerder dit jaar 409 ppm aan – een grotere toename ten opzichte van een eerder jaar was er niet. We steken de vlag uit omdat de CO2-uitstoot wereldwijd lijkt te stabiliseren (lijkt, we moeten het nog even afwachten), maar realiseren ons niet dat bij een stabiliserende uitstoot op dit niveau de CO2-concentratie jaarlijks met zo’n 3 ppm stijgt, en in jaren met een el Niño zoals afgelopen jaar nog een tikkie sneller.

De president heeft maar weinig kleren aan

De Republikeinse Senator James Inhofe gooit een sneeuwbal in de Senaat om te bewijzen dat man-made klimaatverandering onzin is.

Nu de Nederlandse staat heeft besloten in hoger beroep te gaan in de klimaatzaak van Urgenda, wordt op social media regelmatig Obama’s klimaatbeleid als voorbeeld aangehaald. Daar is het lichtend voorbeeld, zo is het idee, terwijl Nederland maar een beetje labbekakt in hoger beroep.

Nederland zou beslist meer moeten doen, maar het beeld van Obama’s klimaatambities klopt niet. Kijk, op zich is er reden om onder de indruk te zijn van Barack Obama’s recent gelanceerde Clean Power Plan, begin augustus.

Ook de auto moet aan klimaatdoel bijdragen

Elektrische stadshuurauto en laadpunt van Auto-Lib in Parijs

Elektrische stadshuurauto en laadpunt van Auto-Lib in Parijs

Bijna onopgemerkt schroeft het kabinet de ambities voor zuiniger en schoner rijden omlaag, via de Autobrief-II die donderdag in de Tweede Kamer wordt besproken. Mathijs Bouman legt in zijn column (FD, 1 september) al de vinger op een paar merkwaardige maatregelen in de autobrief. Nog merkwaardiger is dat nu het kabinet weliswaar heeft besloten in beroep te gaan tegen het klimaatvonnis van de Haagse rechtbank, maar wel de nodige maatregelen wil treffen, de automobiliteit door de autobrief eerder minder dan meer CO2 hoeft te reduceren. De doelstelling voor 200.000 volledige en semi-elektrische voertuigen in 2020 wordt niet gehaald en ook niet meer nagestreefd, elektrische auto’s met een flinke actieradius worden minder gestimuleerd.

Opwarming klimaat beperkt tot 2 graden? Vergeet het maar!

Prof. Ottmar Edenhofer laat op de wetenschappelijke klimaatconferentie CFCC zien dat de ontkolingstrend ten einde is: de ‘herkoling’ is begonnen. Slecht nieuws voor het klimaat

De politici die eind dit jaar in Parijs bij elkaar komen voor de grote klimaatconferentie doen dat met het idee dat de opwarming tot twee graden beperkt kan blijven. Dat is een illusie. Maar niemand durft dat hardop te zeggen, uit angst dat er dan helemaal niks meer gebeurt. Maar het is omgekeerd: juist de valse belofte dat twee graden nog haalbaar is staat adequate actie in de weg.

De 2000 experts die begin deze maand op het grote klimaatwetenschappelijke congres Our Common Future under Climate Change waren, deden hun best om optimistisch te zijn. Ook wetenschappers die de feiten op een rij hebben kunnen psychologisch worstelen met het aanvaarden van die feiten. Maar de conclusie is onontkoombaar: niets wijst erop dat het klimaatdoel, opwarming tot 2 graden beperken, nog haalbaar is.